maandag 2 april 2018

Historische beelden van de Vlaamse visserij (IX)


— Begin augustus 1999 ging Albert Lansens op pensioen. Daarmee verdween ook de laatste ‘roeper’ uit de Nieuwpoortse vismijn. Hij had er toen bijna twintig jaar opzitten in de Nieuwpoortse vismijn. De roeper werd vervangen door de elektronische klok. Op de foto zien we Lansens (met baardje) tussen vismijndirecteur Hovaere (met pet) en de tegenschrijver. (foto gw) —   

— Nettenbreiers in Ostend Stores & Rope Works, (begin jaren vijftig?) —   

— In 1983 kwam de Z.91 Noordhinder in de vaart. De eerste bemanning bestond uit schipper Eric Rappé, motorist Willy Rappé, stuurman John Vantorre, matrozen Rik Laseure, Eddy Verbeke en Jan Verbeke, en lichtmatroos Dirk Claeys. —   

— IJsschotsen in het Mercatordok van de Oostendse haven. Het jaar is ons onbekend. — 

— De stoomtrawler 0.301 James Ensor van de rederij MV Motor Visserij, tijdens de maidentrip, volgend op de doopplechtigheid. —   

donderdag 1 maart 2018

Historische beelden van de Vlaamse visserij (VIII)

— Zo zag de ploeg van de O.33 Marbi er in 1999 uit. Reder Pros Vanbillemont met zoon Pascal en broers Etienne (stuurman) en Norbert (matroos), samen met de ander bemanningsleden Benny Bostijn (motorist), Michel Baete (reservemotorist), Serge Vercnocke (matroos) en Glenn Bougée (scheepsjongen) —.   
  — In november 1985 kwam de Z.70 ‘t Westdiep in de vaart. Reders waren Johan Vantorre en Julien Lowyck. De eerste bemanning bestond uit reder-schipper Lowyck, motorist Dirk Deruyter, matroos-mede-eigenaar Vantorre, Frederick Maegerman en lichtmatroos Marc Huyghebaert.—
— Op 19 juni 1999 werd in Zeebrugge de Z.526 Vaya Con Dios gedoopt. De bemanning bestond toen uit schipper Yvan Eyland, reserveschipper Marc Ackx, motorist Eric Anderson, stuurman Steve Eyland en de matrozen Eddy Samijn, Sören Couwijzer en Rudy Savels (foto gw) —
— Op 15 mei 1999 werd in Zeebrugge de Z.576 Mare Nostrum te water gelaten. De eerste bemanning bestond uit schipper benoit Beernaert, reserveschipper Jerry Vanden Broel, motorist Michel Vantorre en matrozen Chris Meyers, Filip Verheghe en Dimitri Provost. (foto gw) —   
— In 1998 kocht reder Urbain Wentein de Z.98 Op hoop van zegen over van Stanley Vantorre. Hij nam ook de bemanning mee die toen bestond uit schipper Leon Compernolle, motorist Patrick deley en de matrozen Bart Van Hoeselande, Stefaan Villeyn, Christian Bil en Wim Van Dierendonck. (foto gw) —
— In mei 1998 werd de B.518 Drakkar te water gelaten op de zeebrugs scheepswarf Degraeve. Eigenaars waren de broers André en Eddy Crevits. De eerste bemanning bestond uit schipper Yves De Mey, motorist Bernard Dierckens, hulpmotorist Piet Ryheul en de matrozen Lorenzo Meyers, Eddy Vandenbussche, Franky moens en Luc Lambert. (foto gw) — 
— Interieur van een visserswoning in de duinen van Koksijde, 1939. —   
— Op woensdag 1 april 1998 verkoopt de N.501 Asterias voor ’t eerst de vangst in de Nieuwpoortse vismijn. Het schip wordt gevoerd door Vincent Legein; motorist is Gino Desaever en Noël Bertien is matroo. Op de foto: reder François Legein en zijn bemanning, samen met vismijndirecteur Hovaere en de Nieuwpoortse visserijschepen De Zaeyer. (foto gw) —   
— Aan de Visserskaai in Oostende. Reder Lucien Desmit in gesprek met zijn zoon Lorenzo, schipper van de O.152. (foto gw) —   
— De Oostendse Visserskaai, gezien vanuit het Montgommerydok in een ons onbekend jaar.  —

donderdag 1 februari 2018

Historische beelden van de Vlaamse visserij (VII)

—  Deze foto uit een ons onbekend jaar toont ons wellicht een beeld van een vissersherdenking op de Zeedijk in Oostende. Centraal, met medailles, zit Arseen Blondé. De levensbeschrijving van deze beroemde visser kunt u hier lezen. (foto collectie André Baert) —
—  De kleinste Oostendse vissersvaartuigen, bemand door de zogenaamde bootsjouwers, brengen hun waar tot bij een trap en vandaar naar boven op de kaai. De beroemde Oostendse Vistrap vindt hier zijn oorsprong. Over die Oostendse Vistrap vindt u hier een achtergrondartikel. (Uit de collectie van Eddy Serie.) —
—  Blankenbergs vissersvaartuig. —
— Vissersvrouwen, -kinderen en –moeders breien netten op de Oostendse Visserskaai. (Uit de collectie van Eddy Serie.) —

—  Vissersvaartuigen in de haven van Nieuwpoort. —
—  Vrouwen venten met vis langs de Oostendse straten. U lees hier meer over de cultuur van de Oostendse viswijven. (Uit de collectie van Eddy Serie.) —
— In De Panne was er geen vissershaven, maar wel een bloeiende vissersgemeenschap. Het schip wordt gestrand en de vis wordt aan de wal gebracht. (Uit de collectie van Eddy Serie.) —
—  Toen Blankenberge nog een vissershaven had. (Uit de collectie van Eddy Serie.) —
— De vissersfamilie Serie stamt af van Hugenoten uit Toulouse. Om de vervolging te ontvluchten wijken ze uit naar Boekhoute waar ze Scheldevissers worden. Daarna vestigen ze zich in aan de Belgische kust. (Uit de collectie van Eddy Serie.) —
—  Groepsfoto in het Oostendse visserskwartier. De namen die op de foto vermeld worden zijn deze van telgen van de familie Barbaix. (Uit de collectie van Eddy Serie.) —

maandag 1 januari 2018

Historische beelden van de Vlaamse visserij (VI)

—  De O.166 ligt in het Tweede handelsdok van thuishaven Oostende, langs wat tot 1919 de Keizerskaai was en nu Vindictivelaan heet. Het gebouw dat rechts centraal staat is nu het O.-L.-V.-college, maar het was toen, toont het opschrift op de gevel, een restaurant; ook Hôtel de Commerce. Het jaartal van de foto is me niet bekend. —
—  Blankenberge 1901. Vissers herstellen de netten. —
—  Guy David publiceerde een boek met foto’s uit 1974 over de Oostendse vismijn. Het betrof nooit verschenen foto’s over de bedrijvigheid in en rond de vismijn, van de aankomst van de schepen tot de veiling. Aanwijzers, roepers, veilmeesters, visbennen, woorden die inmiddels verdwenen zijn, kwamen nog eenmaal terug. —
—  Op 3 april 1961 bezoekt het koningspaar Oostende. De toenmalige burge­meester Jan Piers stelt kapitein Arseen Blondé voor aan de vorsten. (Foto Roland — Uit de collectie van André Baert). Blondé is wellicht de beroemdste visser die Oostende ooit gekend heeft. Ik schreef hier eerder al een uitgebreid stuk over die man. —
—  Blankenberge 1901. Vissersschepen aan ’t staketsel. — 
—  Oostende, ongeveer 1964, een foto aan cinema Plaza rechtover de Kim, in de kelder van het theatergebouw. Van l. naar r. : een onbekende Belgische landsverdediger, Eddy Serie (kustvisser), Pros Jooris (kust en middenslag), Lucien Desomer (kust) en Eric Van Sevenant (IJsland). [Uit de collectie van Eddy Serie.] —
—  Oostende 1913. Wellicht aan boord van de O.130 Jacqueline. Bovenaan links: kpt Arseeen Blondé. Rechts naast hem staat reder John Bauwens. (Foto Amsab) —
—  De haveningang van Blankenberge, 1901. —
—  Aan boord van de O.628 in de jaren zestig. We zien Eddy Serie, Maurice Zanders en Theo Bogaert aan het werk. [Uit de collectie van Eddy Serie.] —
—  Postkaart van Blankenberge, 1901. Vissersboten in het dok. —

zondag 3 december 2017

Historische beelden Vlaamse visserij (V)

Maandelijks duik ik in het fotoarchief van Het Visserijblad. Ik kies er telkens lukraak tien foto’s uit.

Het zeestation van Oostende in 1947.    
De allereerste redactievergadering van de ploeg die in 1988 Het Visserijblad opnieuw in de steigers zet. Van links naar rechts: Roland Desnerck, Marc Loy, Willem Lanszweert, Hugo Brutin, Ivan Schamp, Flor Vandekerckhove, Willy Versluys, Pierre Deseck, Walter Corveleyn, Robert Coelus, André Baert en Danny Crabeels. (Foto Guido Walters) [Over de geschiedenis van dit merkwaardige tijdschrift vind je hier een uitgebreid stuk.]    
In welk jaar het gebeurd is weten we niet, maar feit is dat de beruchte reder André van Lul een heel gezelschap per bus naar Langerbrugge heeft laten voeren, waar een van zijn vissersschepen van stapel gelopen is. Heel het gezelschap vat de terugweg aan op het schip: broodjes, drank, jongens en meisjes… Onderweg krijgt het schip pech en tegen de tijd dat het Oostende binnenvaart verkeert heel de stad al in een diepe slaap. En niemand die geloven kon dat de fuivende bende opgehouden was door motorpech. Uiterst links herkennen we Roland Billiau en in het midden Herman Moerman. Over de journalistieke carrière van deze laatste schreef ik eerder een stukje dat heet Wat ik van Herman Moerman geleerd heb.    
IJslandvaarder Henri Laplasse aan boord van de O.236 Henriette. Over dat schip zegt Laplasse: ‘De O.236 was geen stabiel schip. Iedereen had het over de duukboot. Bij Belliard werden er zes zusterschepen van gebouwd. Drie ervan zijn vergaan.’    
Bij laag water wordt er in Heist op het strand vis verkocht. Jaartal foto onbekend.    

1997/98. — Op het stadhuis in Oostende worden reders en bemanningen ontvangen. Van de kersverse burgemeester Jean Vandecasteele krijgen ze een kwaliteitslabel overhandigd. Het jaarlijkse gebeuren werd later door de nieuwe eigenaars van de vismijn geschrapt.


1998. — Stanley Vantorre en Urbain Wintein beklinken de deal. De Zeebrugse reder heeft zijn vaartuig Z.98 Op Hoop van Zegen aan de Heistenaar overgelaten. (Foto Guido Walters)    


De bootsjouwersfamilie Deckmyn verkoopt de garnaalvangst aan de Oostendse Vistrap. Rechts boven herkennen we de toen nog jonge sluiswachter Pascal Deckmyn. [ Hier kun je lezen hoe Robert Deckmyn zijn eerste scheepje verwierf, een unicum in de visserijgeschiedenis!]    


De eerste vrachtwagen van de visleurhandel Pieters-Quaegebeur. Voor de wagen staat Hélène Maenhout, echtgenote van Richard Quagebeur.


Op maandag 9 maart 1998 startten de kustvissers van de Vlaamse Vissersbond een actie tegen de overbevissing in de kustwateren. Ze willen dat visgebied voor de allerkleinste schepen veilig stellen. Nadat ze de gebouwen van de Dienst voor de zeevisserij bezet hielden, gingen ze ook de haven bezetten. Met hun schepen versperden ze de volledige havengeul. De bezetting werd pas ’s anderendaags, en onder grote druk, opgeheven. (Foto Guido Walters) [De kustvissers hebben ter zake een lange traditie die tot vandaag voortgaat. Over de geschiedenis van dat verzet vind je in deze blog een lang stuk dat heet: De kustvisserij en het recht van de sterkste